Picardie Champagne Ardennes

Art en France

L'Art et l'Art de vivre

Picardie/Champagne Ardennes

Bezienswaardigheden, exposities, monumenten, natuur en nog veel meer!

Musée de la coutellerie Nogent

 

De collectie van het museum voor messenmakerij in Nogent bevat antiquarische en hedendaagse voorwerpen uit de Haute Marne. Verder besteedt het museum aandachgt aan de technieken en de werkomstandigheden uit het recente verleden. Het museum wil de continuïteit in de productie laten zien, zonder daarbij de nieuwe ontwikkelingen uit het oog te verliezen. De tentoonstellingen in het museum zijn vooral gewijd aan de ontwikkelingen in de streek ron om Nogent, de mensen, (ambachtslieden en fabrikanten) en de produktietechnieken. U vindt er tevens, chirurgische instrumenten en protheses.

 

>>>>>>>>Meer info

Sporen van de tempeliers in de Champagne

 

De Champagne is de bakermat van de roemruchte tempeliers. In 1314 werd de machtige ridderorde hardhandig onderdrukt door de Franse koning Filips IV. Toch zijn er nog altijd genoeg sporen van de tempeliers terug te vinden in de streek.

 

Veel plaatsnamen herinneren aan de Orde. Vlakbij Troyes ligt Payns, de geboorteplaats van de eerste Grootmeester der Tempeliers, Hugues de Payns. Een van zijn trouwste volgelingen was André de Montbard. Zijn geboorteplaats ligt vlakbij Châtillon-sur-Seine. De dranklust van de Tempeliers was spreekwoordelijk en overal kom je dan ook bistro’s en cafés tegen met namen zoals Auberge des Templiers en Restaurant aux Templiers.

 

Route touristique du Champagne

Neem vanuit Troyes de route touristique du Champagne richting Châtillon-sur-Seine. De omgeving is schitterend met dikke bossen en idyllische dalen waar de Seine meandert. Hier in de bossen zou de fabelachtige schat van de tempeliers begraven liggen. Hoe het ook zij, er is in ieder geval een schat aan bezienswaardigheden. Onderweg kom je langs Avelleur, waar je een prachtige commanderij en kapel van de tempeliers kunt bewonderen. De commanderij was de op een na grootste van de Aube en heeft de typische ronde toren die zo kenmerkend is voor gebouwen van de tempeliers.

Châtillon-sur-Seine

Vanuit Avelleur ben je zo in het charmante plaatsje Châtillon-sur-Seine. Een wandeling door het pittoreske stadje naar de romaanse kerk van St Vorles is een aanrader. De Heilige Bernardus, de opsteller van de leefregels van de tempeliers, studeerde bij de St Vorles, die boven de stad uittorent. De kerk en zijn begraafplaats zijn uiterst schilderachtig en sfeervol. Bezoek ook la Source de Douix, een van de bekendste natuurbronnen van Frankrijk. De bron was al ruim voor de tijd van Jezus een heilige plek.

Le chemin des templiers

Vanuit Châtillon rij via het plaatsje Voulaines Les Templiers door het weelderige landschap naar Bure Les Templiers, met een van de oudste commanderijen van Frankrijk. Van de commanderij is helaas slechts een overwoekerde bouwval over. Pal ernaast is een sfeervol kerkje. Op een soort grafsteen zie je de spookachtige verschijning van een tempelier in vol ornaat en er ligt ook een grafkist van een ridder. De volgende halte is Grancey-le-Château, een middeleeuws dorpje dat hoog uittorent boven een groen dal. Langs de afgrond loopt een grote verdedigingsmuur die het dorpje deels omcirkelt. Het kasteel is een bijzondere verschijning met een lang dak met gekleurde dakpannen met een soort zig-zag patroon. Dit patroon komt veel voor in de omgeving.

 

Fontenay: Hemel op aarde

Vanuit Crancey-le-Château rij je in een uurtje naar de abdij van Fontenay, een van Frankrijk’s beroemdste en mooiste abdijen. De abdij is idyllisch gelegen in een bosrijk, vruchtbaar dal langs een riviertje. Fontenay, nog altijd in gebruik, staat op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Genesteld tussen de groene heuvels is het klooster een stukje hemel op aarde met eenvoudige stenen gebouwen, prachtige tuinen en speelse fonteinen. De gebouwen zijn van binnen sober maar sierlijk. In Fontenay snuif je de sfeer van vervlogen tijden op en proef je de allure van een leven van contemplatie en afzondering.

 

Bron: ToutdeFrance.nl

Charleville, Arthur Rimbaud

 

Arthur Ribaud is geboren in 1854 in Charleville, de hoofdstad van het departement Ardennes. Op de middelbare school blijkt hij talent te hebben voor het schrijven van gedichten. In zijn schoolperiode schrijft hij Ophelie, een gedicht dat nog steeds gezien wordt als één van de beste gedichten van Rimbaud. Bij het uitbreken van de oorlog mer Pruisen (1870) vertrekt Arthur naar Parijs waar hij Paul Verlaine ontmoet en een relatie met hem krijgt. Paul Verlaine is geboren in 1844 in Metz en brengt het grootste deel van zijn jeugd door in de Franse Ardennen. Na 2 jaar rondzwerven in Parijs vertrekt Rimbaud terug naar zijn geboortegrond en Verlaine volgt hem. Samen zijn ze zeer regelmatig te vinden in het dorpscafé in Juniville waar ze absinth drinken. Tegenwoordig is dit café een museum voor Verlaine.

 

De twee blijven ook nu niet lang en na weer wat omzwervingen hebben ze een nacht in een hotel in Brussel. Hier krijgen de wtee flinke ruzie waarop Verlaine Rimbaud in zijn pols schiet. Van het ziektebed van Rimbaud is een prachtig schilderij gemaakt dat tegenwoordig te vinden is in het meuseum voor Rimbaud in Charleville. Na deze ruzie is de relatie praktisch ten einde. Rimbaud gaat terug naar zijn geboortegrond en in het huis van zijn tante in Roche schrijft hij zijn enige boek 'une saison en enfer'.

Tegenwoordig zijn er in de streek rondom Rethel nog vele herinneringen aan deze bijzonder dichters te vinden:

 

-Autoroute Rimbaud / Verlaine

-Rimbaud museum in de oude molen in Charleville-Mezières

-Museum in het geboortehuis van Rimbaud in Charleville-Mezières (Rue Pierre Bérégovoy)

-Kapel in Méry, met tentoonstelling over Rimbaud

-Museum van Verlaine in het café in Juniville (herberg Le Lion d'Or)

 

Bron: meuse-ardennes.com

Kunst in Jeantes(door Frankrijkschrijfster Yvonne Rieschke)

 

"De vestingkerkenroute in de Thièrache brengt je dus ook in Jeantes en men kan gerust stellen dat zich hier het opmerkelijkste kerkje bevindt langs de route. Ik had het al eens eerder bezocht maar wilde het graag nog eens naar toe en ook wilde ik graag Lambert dit unieke kunstkerkje laten zien. Jeantes, een bijzonder kerkje met een bijzonder historie.

Midden jaren vijftig kwam Piet Suasso de Lima de Prado , een voormalig missionaris uit Afrika, als pastoor naar Jeantes. Deze van origine Portugese Nederlander hoopte hier nog enkele rustige jaren te slijten in het slaperige Jeantes. Maar als doorzetter ergerde hij zich verschrikkelijk aan de miserabele staat van zijn kerk. Hij trommelde vele kunstzinnige vrienden op die hem hielpen om de kerk weer op te peppen. Via zijn vriend Bertus Aafjes kwam hij in aanraking met Charles Eijck . Deze expressionistische kunstenaar had al vele kerken voorzien van kunstwerken, was een kenner en zag wel iets in deze nieuwe uitdaging om achter het middeleeuws doopvont op de muur de `Wonderbaarlijke Visvangst´ te schilderen.

 

Charles Eijck wilde de arme kerkgemeenschap graag helpen en bood zijn diensten gratis aan. Hij kwam naar Jeantes, nam zijn ladders en verf mee en voltooide in bijna vier maanden zijn meesterwerk. Hij maakte namelijk niet alleen de schildering achter het doopvont maar gooide al zijn kunstige kunsten in de strijd en beschilderde 400m² in plaats van de geplande 2m² evenals 5 glas-in-loodramen. De door roodvonk doofstom geworden Charles Eijck was helemaal in zijn element; verhalen vertellen in creatieve en kleurrijke tekeningen. De dorpskinderen van Jeantes vonden de beetje rare man in de kerk toch wel heel erg leuk (andersom ook) en zij zochten hem regelmatig op als hij in de kerk bezig was met schilderen. ´s Avonds gaf hij de kinderen zelfs tekenles. Eijck vereeuwigde de kinderen van Jeantes in één van zijn muurschilderingen. Een paar maanden voor zijn dood schreef hij de pastoor van Jeantes: " Ik zou een vogel willen zijn die vanuit Ravensbos naar Jeantes kon vliegen om bij jou en je lieve mensen èn bij mijn werk te kunnen zijn".

 

Frankrijk eerde Charles Eijck door hem tot ereburger van Frankrijk te benoemen.

Jeantes heeft een aantrekkingskracht op Nederlandse kunstenaars. Bert Schierbeek, Metten Koornstra, Remco Campert, Kurt Löb woonden er of kwamen regelmatig langs. Ten tijde van de restauratiewerkzaamheden van de kerk waren het er nog veel meer. Hoe komt dit toch dat zij hier juist meer inspiratie opdoen? Volgens schilder en beeldhouwer en Art en France kunstenaar Inge Behling, die ook in Jeantes woont en werkt, is het voor kunstenaars hier aantrekkelijk omdat men hier de ruimte heeft. “Je kunt hier je zintuigen openzetten. Een drukke omgeving sluit je namelijk af.” Maar voor Inge Behling spelen de kleuren ook een erg belangrijke rol. Hier is het landschap sober. Zij gebruikt dan ook juist veel aardetinten, grijs, weinig warme kleuren. Af en toe krijgt haar werk een geel accent, dat komt dan door de koolzaadvelden. Ze is er van overtuigd dat in de omgeving van Jeantes de kleuren net zo zijn zoals Rembrandt ze destijds zag. De natuur is hier niet verstoft, niet verkleurd, met een grijze waas bedekt door de vervuiling. Ze woont nu alweer zo´n vijfentwintig jaar in Jeantes en is het nog lang niet beu. Inge onderhandelde destijds met het gemeentebestuur van Jeantes over de huurprijs van het oude schooltje, haar huidige atelier.

 

Ze droeg voor om als onderdeel van de huur een tijdsbeeld te maken van de bewoners van Jeantes en om elk jaar een portret te maken. Men ging hiermee akkoord en zo pronken er al enige mooie koppen aan de muur van haar atelier. Door de drukke werkzaamheden is er wat vertraging in de verzameling en loopt ze dus een paar koppen achter… Inge heeft ook een stempel achtergelaten in het bijna wereldberoemde kerkje van Jeantes. Centraal in het kerkje staat het sobere maar prachtige houten altaar dat door architect Piet Satijn is ontworpen maar door Inge Behling voorzien is van het bas-reliëf. Als basisvorm heeft Inge de contouren genomen die op het middeleeuws doopvont staan. Daarin heeft zij de twaalf apostelen geplaatst in een vorm dat een hommage is aan Henri Matisse die ook uit deze streek komt. Het is een uniek geheel geworden dat past in deze unieke kerk! Laten we in godsnaam zuinig zijn op al dit moois en op dit geweldig stukje Nederlandse kunst in deze vergeten streek van Frankrijk. Inge Behling is een vrouw met een passie én een missie: Kunst en Jeantes. Maar dan wel Kunst met een hoofdletter. Want er wordt en er is Kunstgeschiedenis geschreven in dit kleine slaperige dorpje in de Picardië… "

 

Meer lezen van Yvonne Rieschke?

De magie van de Tuinen van Valloires

 

Niets is meer bezongen dan de koningin onder de bloemen: de roos. Deze bloem is het symbool van liefde en genegenheid. Dit komt prachtig tot uitdrukking in het Engelse liefdesliedje The Rose of Picardy dat geschreven werd door de Engelse soldaat Frederick-Edward Weatherby in 1916 en een groot succes is geworden onder de soldaten tijdens de WO1. De roos, als teken van vrede, is in de loop van de jaren het symbool van de regio La Picardie geworden.

La Rose de Picardie

La Rose de Picardie is te bewonderen in de tuinen van Valloires midden in de vallei van Authie. De tuinen van Valloires hebben iets magisch en is de droombestemming voor de echte floraliefhebber. Hier kunt u vijf tuinen bezoeken met meer dan 4000 (zeldzame) planten en struiken afkomstig uit Noord-Amerika en Azië.

 

Het klooster

In vorige eeuwen werd deze rozentuin onderhouden door monniken. In de 12e eeuw vestigde de cisterciënzer orde zich in dit klooster van Valloires. Het bouwwerk is, na een grondige restauratie in de 18e eeuw, de enige, volledig in tact gebleven Cisterciënzerabdij van Frankrijk. Tuinliefhebbers die het aan tijd ontbreekt om nog dezelfde dag de kloostergebouwen van Valloires te bezoeken, kunnen overnachten in een van de zeven voormalige monnikscellen van l’Abbaye de Valloires. Een unieke ervaring die u niet snel zult vergeten. Alle kamers hebben bovendien - hoe kan het ook anders - uitzicht op de adembenemend mooie tuinen. Voor meer informatie: www.jardins-de-valloires.com

De schildertuin van André van Beek(door Frankrijkschrijfster Yvonne Rieschke)

 

Kunstschilder André van Beek woont in Saint Paul (aan de Route Nationale 31) onder de rook van Beauvais in de Picardië. Zijn naam doet vermoeden dat wij op bezoek gaan bij een Nederlandse schilder maar hij blijkt geen woord Nederlands te spreken. De naam ´van Beek´ heeft hij te danken aan zijn Nederlandse vader. André van Beek is geboren en getogen in Frankrijk en is zoon van een Nederlandse vader en een Franse moeder. Als je zijn tuin inloopt waan je je in een waar tuinparadijs. Wat een bloemenpracht, ondanks dat wij zo laat in het seizoen zijn ( medio oktober). Hoe moet het er in het voorjaar of de zomer uitzien?! Één bloemenweelde dat oog én neus streelt waarschijnlijk. André van Beek is autodidact en is gewoon een natuurtalent die inspiratie opdoet bij onder meer Monet, Renoir en Pissarro. Hij fotografeert veel in zijn eigen tuin zodat hij ´s winters ook door kan werken als hij niet in de tuin kan schilderen.

 

Hij schildert echter niet alleen in zijn achtertuin maar schildert ook op locaties als de Picardische kust, de groentetuinen van Amiens ( de Hortillonnages ) en landschappen. In 2000 is hij samen met zijn vrouw begonnen met het aanleggen van de 1ha grote tuin. Voorheen was het weidegrond. Inmiddels is de tuin uitgegroeid tot een pronkjuweel die jaarlijks door duizenden mensen wordt bezocht. Zo zijn er alleen al 40 soorten waterlelies, 200 soorten hortensia’s en vele soorten dahlia’s. Niet dat hij een verzamelaar is van bloemen. Nee, het gaat niet om de collectie maar om de kleuren. En ieder jaar wordt de tuin omgegooid. De basis blijft, zoals de vijverpartijen en terrassen maar elk jaar wordt het kleurenpalet verandert zodat hij telkens weer een ander perspectief heeft. De tuin is zowel overdag als ´s avonds geopend voor publiek. ´s Avonds kan men dan genieten van een sfeervol verlicht park. Ja, een park want met een hectare grond kan men toch wel spreken van een park in plaats van een tuin.

 

>>>>>>>>Meer info

Het atelier van Renoir in de Champagne Ardennen

 

Wie wist dat de schilder Pierre-Auguste Renoir elke zomer naar de Aube-en-Champagne afreisde? Echt? Nou, ik wist het niet. Maar sinds het voorjaar van 2011 staat het plaatsje Essoyes, 50 km ten zuidoosten van Troyes, geheel in het teken van deze grootmeester van het impressionisme. Zelf kwam Renoir uit Limoges, maar zijn vrouw Aline was in Essoyes geboren. Ze kwamen er regelmatig op familiebezoek en in 1895 besloten ze een huis in het dorp te kopen. In de tuin liet Renoir een atelier bouwen, want er moest natuurlijk wel gewerkt worden. Nu is het atelier onderdeel van een permanente tentoonstelling rond Renoir in het dorp. Het moet toch razend interessant zijn om het atelier van een zo bevlogen kunstenaar te zien. Het schijnt dat ze alles netjes hebben laten staan, alsof hij er zo weer kan binnenstappen om aan het werk te gaan. Vanuit het gemeentehuis van Essoyes lopen vier thematische wandelingen langs allerlei plekjes die Renoir geïnspireerd hebben. Op sommige plekken hangen zelfs reproducties van zijn werk ter verduidelijking. Nou vind ik het toch al geen straf om door het glooiende wijngaardenlandschap van de Aube te lopen, dus ik denk dat ik binnenkort wel een dagje in Essoyes te vinden ben. Renoir is in Essoyes begraven, je kunt zijn graf bezoeken. Zijn zoons liggen gezellig naast hem, en een van hen bleek ik van naam te kennen: cineast Jean Renoir. Nooit eerder beseft dat hij de zoon van een beroemd schilder was...

 

Centre Culturel ‘Du côté des Renoir’, 9 place de la Mairie

10360 Essoyes. Tel.: + 33 (0) 3 25 29 10 94. www.aube-champagne.nl

Langres, stad vol kunst en architectuur

 

Langres kent een grote rijkdom aan architectuur, vanaf de 2e eeuw tot nu. Allereerst is er natuurlijk de militaire architectuur die van Langres een bijzonder mooie stad maakt. De stad heeft nog steeds een 3,5 km lange stadsmuur met 12 torens en 7 poorten. Veel gebouwen vertellen van een ver verleden. De triomfpoort stamt uit de 2e eeuw en in het Museum voor Kunst en Geschiedenis vindt men veel voorwerpen uit de Gallo-Romeinse tijd. Tijdens de renaissance werden veel burgerlijke, religieuze en militaire monumenten gebouwd. Zij behoren tot de mooiste van Frankrijk. Zo zijn er de de Tour de Navarre, het hôtel du Breuil de Saint Germain en het Maison Renaissance. Wie de stad ontdekt ziet nog veel meer opmerkelijke gebouwen, zoals de Porte des Moulins of de prachtige portalen van de oude herenhuizen. Langres kreeg niet voor de niets de titel ‘Ville d’Art et d’Histoire’.

 

Met zijn hoge omwalling, indrukwekkende vestingtorens en vele kerktorens verrijst Langres als een trots fort aan de poorten van de Champagne en de Bourgogne.

 

Volg de 3,5 km lange rondweg op de stadswallen, die in de loop der eeuwen gespaard is gebleven, en geniet van het grootse panorama: in het oosten gaat het trapsgwijs omlaag, naar het meer van La Liez en het Marnedal tot de Vogezen. Soms kunt u zelfs de contouren van de Berner Alpen ontwaren. In het westen, voorbij de groene Bonnellevallei, gunt het plateau van Langres u een blik op zijn hagen en beboste hellingen.

 

Begeef u in het labyrint van straatjes en overdekte passages, en laat u vertellen over de geschiedenis van de stad. Monumenten uit de Oudheid, het mozaïek van Bacchus en levendige sculpturen, getuigen van het Gallo-Romeinse verleden. Het stratenpatroon en de imposante kathedraal in stijl van Cluny roepen de Middeleeuwen in herinnering. Uit de Renaissance dateren statige herenhuizen, waar de gegoede families uit Langres een inspirerend onderkomen vonden. De lessen uit de Oudheid zijn door de klassieke architectuur met groot raffinement in praktijk gebracht.

 

Ten tijde van de Contra-reformatie vestigt zich een groot aantal religieuze orden in Langres. Veel van de gebouwen met een monumentale architectuur die zij achterlieten, zijn tegenwoordig in gebruik als openbare instellingen.

Als laatste getuige van de ontwikkeling van krijgstechnieken, waarmee deze vestingplaats sinds waarschijnlijk de 3de eeuw werd versterkt, is het strenge citadel uit de 19e eeuw aan een tweede leven begonnen en ontvangt nu gezelschappen en houdt culturele manifestaties. Langres is als een levend kunst- en geschiedenisboek. De stad heeft zich altijd aangepast aan de loop van de geschiedenis, en is daarbij trouw aan zichzelf gebleven. Misschien daarom voelt iedereen zich hier thuis én welkom!

 

Bron: Tourisme Langres

Siergietwerk uit de Haute Marne

 

Door de geschiedenis van de Haute-Marne heen, van prehistorie tot Kanaaltunnel, loopt een ijzersterke rode draad: ijzer.

 

Dankzij de aanwezigheid van een drietal elementen heeft de regio zich altijd in de voorhoede van de staalproducenten bevonden: water om de schoepenraderen te laten draaien, ijzer uit erts dat volop te vinden is en hout uit de bossen.

 

Vanaf de XVe eeuw komt de metaalindustrie op in de Haute-Marne dankzij onder andere de groeiende vraag naar harnassen en wapens. Vele hoogovens worden met spoed gefabriceerd om de productie op te voeren. Het gietwerk loopt als een trein en in 1856 staat het departement garant voor 1/5 van de nationale productie van gietijzer. De Haute-Marne is marktleider van Frankrijk met meer dan 200 fabrieken. Na 1870 worden de hoogovens in het noorden in het Blaisedal gegroepeerd. De industrie specialiseert zich in straatmeubilair zoals bankjes en fonteinen in de steden.

 

De meest bekende gietijzeren werken uit deze streek zijn de Wallace drinkfonteinen, de ijzeren "Art Nouveau" van Guimard die de balkons van Saint-Dizier versieren, de ingangen van de Parijse metro en de straatlantaarns op de Champs-Elysees.

 

De Siergietijzerroute

Maak kennis met deze traditie en volg een route langs oude fabrieken, kunstwerken in parken of op dorpspleinen... De gidsen leggen haarfijn uit wat ijzergieten is en vertellen over oude en nieuwe technieken, en over hoe deze het dagelijks leven van duizenden mensen beïnvloedden. Standbeelden, monumenten, exposities en gedenkplaatsen wachten op u. Kortom: u krijgt een knap staaltje van de Haute-Marne te zien!

 

Route idee: De Guimard Route in Saint-Dizier

Deze route is ook zeker de moeite waard! Guimard heeft in de Haute-Marne zijn ijzer gegoten en hiermee de stad Saint-Dizier betoverd ; meer dan 100 huizen hebben nog gietijzeren versieringen van de beroemde man. Deze kunt u ontdekken door de Guimard Route te volgen die begint bij het Musée Municipal waar u eerst verschillende kunstwerken van de artiest kunt bewonderen.

 

>>>>>>>>Meer info

Musée Alexandre Dumas in Villers-Cotterets

 

In het kleine Musée Alexandre Dumas zijn drie kamers te bezoeken; drie kamers voor drie generaties: de Général Alexandre, zijn zoon Alexandre Père en kleinzoon Alexandre Fils.

 

 

De generaal Alexandre, de oudste generatie, beschreef het verblijf als generaal onder Napoleon in de gevangenis in het koninkrijk Napels, zijn verslag doet denken aan het gevangenschap van Edmond Dantès, hoofdpersoon in het beroemde werk "De graaf van Monte Cristo" later beschreven door Alexandre Père, de tweede generatie. Zoon Alexandre Père werd bovendien zeer geïnspireerd door de bosrijke omgeving van Villers-Cotterets, het Fôret de Retz waar hij "De Drie Musketiers" hun avonturen liet beleven. Daarnaast bracht hij in totaal, met vele theaterstukken en als groot liefhebber van de gastronomie zelfs een Dictionnaire de cuisine, zo'n 300 werken uit.

 

Alexandre Fils, de kleinzoon, beroemd geworden met de literaire roman "La Dame aux Camélias", later bewerkt tot toneelstuk, werd toegelaten tot de Académie Française. Zijn leven verliep wat geruislozer dan het leven van zijn grootvader en vader, hij leefde een teruggetrokken bestaan.

 

In de derde kamer wordt door beeld en geluid met vertoon van veel foto's en prenten een idee gegeven van het leven van de beroemde familie Dumas.

 

 

In het stadje Villers-Cotterets staat vooral de veel besproken figuur van Alexandre Père centraal, in het centrum prijkt zijn beeld hoog op een zuil.

 

Bron: Tout de France

Reims: een koninklijke stad

 

Reims is een statige stad in de beste Franse tradities met mooie parken, elegante pleinen, speelse fonteinen en sfeervolle cafés. De stad pakt meteen al bij aankomst groots uit met de Porte de Mars, een oude Romeinse poort uit de 3de eeuw, genoemd naar de god van de oorlog.

 

Reims biedt talrijke hoogtepunten. Place Drouet d’Erlon is een lange brede boulevard met chique art deco gebouwen, winkels, cafés en restaurants. Op het einde links is de trendy winkelstraat Rue de Vesle, waar je naar hartelust kunt shoppen. Cultuur is ook nooit ver weg. Vlakbij op Place Herrick stuit je op de Grand Thétre waarop bekende namen als Racine, Mozart en Corneille op de gevel prijken. Daarnaast is het neoclassistische Palais de Justice. Vervolg de weg rechtdoor naar Place Royale; een mooi plein met een beeld van Lodewijk XV uitgedost als een Romeinse keizer. Daarbovenuit torent de mooiste parel in de kroon van Reims; de kathedraal de Notre Dame.

 

Wij vinden de Notre-Dame de Reims een van de meest imposante kathedralen van heel Frankrijk. In 1211, het was de periode van de hoge gotiek, werd met de bouw begonnen en het zou nog ongeveer 270 jaar duren voordat het gebouw voltooid werd. De opzet van Reims was anders dan die van eerdere kathedralen. De Notre-Dame de Reims moest dienen voor kroningen. In totaal zijn er maar liefst 25 monarchen ingezegend. De laatste was Karel X in 1825. Waar Reims zich het meest in onderscheidt is het veelvuldig gebruik van glas-in-lood, vooral in de timpanen. De bouwers kozen voor eenvoudige, maar sierlijke glas-in-lood roosvensters en het resultaat mag er zijn. Dit maakt de voorgevel veel fraaier en geeft ook veel meer licht binnenin de immense kathedraal.

 

De kathedraal in Reims is versierd met maar liefst 2300 kleinere en grotere standbeelden. Opmerkelijk is het grote aantal engelen. De Glimlachende engel is de bekendste en heeft het zelfs geschopt tot symbool van de stad Reims en diende als inspiratiebron voor een bekend gedicht van Jean Cocteau. De lachende engel staat prominent op de voorgevel, naast de hoofdingang.

 

Helemaal achterin de kerk, aan de oostelijke kant, is modern glas-in-lood in 1974 ontworpen door niemand minder dan de bekende kunstenaar Marc Chagall. In een van de ramen wordt Jeanne d’Arc afgebeeld, in wit gekleed.

Ook buiten, ten noorden van de kathedraal, bij het paleis van Justitie, staat een beeld van Jeanne D‘Arc. Ze trekt ten strijde tegen de Engelse indringers.

 

Bron: ToutdeFrance.nl

 

Terug naar menu

 

Art-en-France © 2017 • Overname van artikelen en afbeeldingen alleen na toestemming van Art-en-France •