Normandie

 

Terug naar menu

 

Art-en-France © 2017 • Overname van artikelen en afbeeldingen alleen na toestemming van Art-en-France •

Art en France

L'Art et l'Art de vivre

Normandie

Bezienswaardigheden, exposities, monumenten, natuur en nog veel meer!

Het kasteel van Jules Michelet in Vascoeuil, in de Seine-Maritime

 

Jules Michelet, zoon van een drukker, was een Frans historicus die in 1798 in Parijs werd geboren. In 1831 haalde hij een diploma geschiedenis, ging nadien aan het werk bij de Nationale Archieven, gaf les aan de universiteit en in 1838 aan het Collège de France. Vanaf 1833 werkte hij aan zijn geschiedenis van Frankrijk, een levenswerk dat gebaseerd was op nauwkeurige documentatie. Terwijl hij werkte aan de opeenvolgende boekdelen van zijn geschiedenis van Frankrijk, schreef hij ook cursussen nationale opvoeding en lyrische teksten over de natuur en de menselijke passies.

Het werkkabinet van Jules Michelet, dat vandaag nauwkeurig gereconstrueerd werd, bevindt zich boven in de toren van het kasteel van Vascoeuil. Op deze plek schreef hij een groot deel van zijn oeuvre, en meer bepaald zijn ‘Histoire de France’ en ‘Histoire de la Révolution française’.

 

Het kasteel is vandaag de dag een befaamd kunstcentrum dat in het seizoen verschillende animaties brengt en drie keer per jaar tentoonstellingen organiseert van schilderijen en beelden.

Op deze trekpleister ontdekt men: een prachtige duiventoren, een park met tuinen en (permanent) 50 kunstwerken (brons, marmer, keramiek) van de grootste hedendaagse kunstenaars en een uniek museum dat gewijd is aan de historicus Jules Michelet.

 

Van april tot november geopend op woensdag, zondag en op feestdagen van 14.30-18.00 uur. In juli en augustus dagelijks geopend van 10.30-12.30 uur en van 14.30-18.30 uur.

 

>>>>>>>>Meer info

Een hele bijzondere boom

 

Hij lijkt afkomstig uit een sprookje, deze eeuwen-oude eik in het West-Franse plaatsje Allouville-Bellefosse. De eik is hol en van binnen bevinden zich twee kleine kapelletjes, die te bereiken zijn via een wenteltrap. Deze boom, de oudste bekende boom van Frankrijk, heeft de tijd van Louis XIV meegemaakt, de Franse revolutie, Napoleon tot heden en nog steeds staat de boom overeind. In de jaren 1600, toen de boom op middelbare leeftijd was, zo'n 470 jaar, werd hij door de bliksem getroffen. Niet alleen overleefde de eik dit, maar toen dit wonder de Abt Du Détroit en de priester Du Cerceau ter ore kwam, besloten zij een kapel, gewijd aan Maria, in de boom te bouwen. Later kwamen daar de wenteltrap en de tweede kapel bij.

 

Gedurende de Franse revolutie zag het er slecht echt voor de boom. De revolutionairen zagen de boom als een symbool van de verafschuwde kerk. Een sneldenkende inwoner van het dorp voorkwam vernietiging door de boom om te dopen tot "De tempel van reden". Vandaag de dag vertoont de eik ernstige tekenen van ouderdom en stress. Overeind gehouden door twee palen, is een gedeelte van de boom afgestorven en afgedekt met platen om de boom te beschermen, daar waar de bast er is afgevallen. Ondanks het verval van de Eiken Kapel, komen trouwe gelovigen twee maal per jaar rondom de boom bijeen voor een heilige mis. Op 15 augustus is de boom het doel van een jaarlijkse pelgrimstocht.

 

>>>>>>>>Meer info

Argentan

 

Tot de bezienswaardigheden van dit stadje behoren de fraaie herenhuizen en de Église Saint-Germain met zijn prachtige opengewerkte klokkentoren. Het geboortehuis van Fernand Léger staat aan de Rue des Jacobins op nr. 5. Een andere bekende inwoner van Argentan was André Mare, een klasgenoot van Léger aan de École des Arts Décoratifs, die met het impressionisme en het nabisme flirtte, alvorens hij samen met Duchamp-Villon het "kubistische huis" ontwierp.

 

Renbaan

Op de renbaan van Argentan maakte Degas zijn eerste serie Paardenraces en daarna het schilderij "Op de paardenrennen in de provincie", dat qua compositie bijzonder knap is en in 1874 op de eerste impressionistische tentoonstelling te zien was.

 

>>>>>>>>Meer info

In de omgeving van Argentan

 

Menil-Hubert

In 1861 verbleef de jonge Degas drie weken in Gacé. Hij verkende de streek (Exmes, Camembert, Argentan, de Haras du Pin) en maakte er talloze schetsen.

Haras du Pin

Degas was een fervent bewonderaar van Géricault en Delacroix, die beiden het paard als hoofdthema hadden. Het is dan ook niet verwonderlijk dat hij vaak naar de Haras du Pin ging om de anatomie van deze edele dieren te bestuderen. Dit kasteel annex stoeterij met de bijnaam "het Versailles voor het paard" bezit ongeveer zestig dekhengsten van tien verschillende rassen. Na een bezoek aan de prachtige stallen, de zadelkamer, de smederij en het koetshuis mag de Géricault-zaal zeker niet worden overgeslagen. Hier nam Bartabas zijn film Mazeppa op over het leven van de beroemde schilder, die zo dol op paarden was en uiteindelijk zo triest aan de gevolgen van een val van het paard is overleden.

 

>>>>>>>>Meer info

Alençon

 

De stad die bekendstaat om de fijne naaldkant (point d'Alençon), die gretig aftrek vond bij alle Europese vorstenhuizen, trok schilders als de Engelsman Cotman, die grote belangstelling had voor middeleeuwse architectuur. Zijn schitterende aquarel "De Grande Rue van Alençon" geeft een beeld van de levendige sfeer voor de Église Notre-Dame en wordt in Londen tentoongesteld. Al eerder had Cotman de ambitie om een parallel te trekken tussen de bouwkunst in het Engelse graafschap Norfolk, waar hij vandaan kwam, en Normandië, vanwege hun gemeenschappelijke naam en verleden (Noormannen). Ook Corot kwam graag in Alençon.

 

Musée des Beaux-Arts et de la Dentelle

Dit museum geeft een overzicht van de 19e-eeuwse kunst, van het realisme (Courbet) tot het impressionisme. Het bezit onder meer twee prachtige doeken van Eugène Boudin en enkele postimpressionistische werken.

 

Saint-Céneri-le-Gérei

Dit sfeervolle plaatsje in de Alpes Mancelles staat op de lijst van de honderd mooiste dorpen van Frankrijk. Het doet heel romantisch aan door de met blauweregen en klimrozen begroeide huizen van zandsteen en de oude bouwwerken, waaronder de voormalige Romeinse brug en de Chapelle Saint-Céneri.

's Avonds troffen de schilders elkaar in de Auberge des Soeurs Moisy, waar ze de befaamde "zaal van de onthoofden" met hun portretten, silhouetten en graffiti sierden. Al deze werken zijn nu gerestaureerd en worden als cultureel erfgoed beschermd.

 

Auberge des Soeurs Moisy

Deze voormalige herberg is de grote trekpleister van het dorp, zowel door zijn historische als artistieke waarde. Tussen 1880 en 1920 werden ruim 60 profielen van schilders toegevoegd aan de toch al bijzondere collectie die hier hing. Een van hen was Eugène Boudin. In het pinksterweekend stellen de dorpsbewoners elk jaar hun deuren open, zodat de doeken van schilders uit de streek kunnen worden bekeken (bijna 40 locaties op een inwonertal van 140!).

 

Domfront

Het is volstrekt begrijpelijk dat de Engelsman Cotman, die altijd op zoek was naar zijn Normandische roots, dit middeleeuwse stadje met zijn roemrijke verleden op een prachtige aquarel heeft afgebeeld. Op een wandeling door het oude centrum zult u met eigen ogen kunnen zien dat de charme van weleer niet verloren is gegaan.

 

>>>>>>>>Meer info

In de omgeving van Domfront Mortain

 

Al vanaf zijn jonge jaren bracht Géricault zijn vakanties in Mortain door, waar hij meestal in de smederij en paardenstallen te vinden was. Toen Géricault in 1815 na de kortstondige terugkeer van Napoleon gearresteerd dreigde te worden, vluchtte hij naar Mortain. Tijdens zijn gedwongen verblijf schilderde hij een hele reeks dieren en stillevens. In 1849 ontdekte Corot het groene en tegelijk rotsige landschap rond Mortain, met de indrukwekkende waterval van de Cance. Hij keerde herhaaldelijk terug om studies te maken, die hij vervolgens gebruikte voor veel geliktere schilderijen ten behoeve van de Salon. In 1855 ging Huet naar Mortain om de grote waterval te schilderen. Ook hij was dolenthousiast over dit deel van Normandië, een soort klein Zwitserland.

 

Kasteel-Museum in Flers

In dit kasteel is een van de mooiste musea van de streek gevestigd, met topstukken als de "Boulevard Haussman" van Caillebotte, een Courbet, een Boudin, een Corot en talrijke werken van de school van Barbizon.

 

>>>>>>>>Meer info

Giverny en de Vexin Normand

 

In 1883 vestigde Monet zich in Giverny met zijn geliefde Alice Hoschedé en hun acht kinderen. Hij huurde een groot huis met een boomgaard en een moestuin, waar hij zich aan zijn twee passies kon wijden: schilderen en tuinieren. De schitterende tuin, die van het begin van de lente tot het einde van de herfst onafgebroken in bloei staat, werd de essentie van Monets artistieke oeuvre.

 

De Hooibergen

Claude Monet nam het procedé van de series over van Japanse prentkunstenaars en begon met het thema van de Hooibergen. Daarna stapte hij over op de Populieren aan de oevers van de Epte. In zijn atelier voltooide hij de serie van de Kathedraal van Rouen, alvorens zich te storten op de "Ochtenden aan de Seine", waarmee hij zijn reputatie als grootste schilder van de 19e eeuw versterkte. Daarna hield hij zich vrijwel uitsluitend bezig met het schilderen van de bloemen in zijn tuin, vooral de Waterlelies. Zijn picturale ontwikkeling, waarbij hij abstract aandoende momentopnamen van het spel van licht en kleur creëerde, oefende grote invloed uit op vroege abstracte schilders als Kandinsky, die later ook zou erkennen schatplichtig aan Monet te zijn.

Als hij niet aan zijn grote series werkte, schilderde Monet in de buitenlucht, ongeacht het weer en het jaargetijde, om zijn kijk op de streek te geven: de oevers van de Epte, het dorp Vétheuil, de kerk van Vernon, enz.

Monet ontving veel gasten in Giverny, onder wie bevriende schilders als Pissarro, Caillebotte, Heleu, Sisley, Cézanne, die zijn intrek nam in Hôtel Baudy, Rodin, Renoir, Berthe Morisot en talloze anderen.

Ook tal van buitenlandse kunstenaars gingen naar Giverny om dicht bij de grote meester te werken en van zijn tips te kunnen leren. Onder hen Amerikanen, Engelsen en zelfs een Tsjech. Door hun schilderijen in de stijl van Monet werd Giverny, een klein dorpje in de Eure dat veel te danken heeft aan zijn beroemde inwoner, wereldwijd bekend.

 

>>>>>>>>Meer info

Giverny

 

Toen Monet zich in Giverny vestigde lag er slechts een bescheiden moestuin voor het huis, die hij al snel wist om te toveren tot een schitterende tuin in Franse stijl, de Clos Normand.

Pas tien jaar later begon Monet aan de aanleg van de waterlelievijver, een enorme onderneming.

De bouw van het Japanse houten bruggetje en de aanplant van exotische boom- en plantensoorten benadrukken nog het oriëntaalse karakter van dit juweeltje.

Musée des Impressionnismes

De opening van dit museum stemde de bezoekers van Giverny tot grote tevredenheid, want ze vonden het frustrerend dat er in het hele dorp geen enkel werk van Monet te zien was. Het museum huist in het voormalige Museum voor Amerikaanse Kunst en vormt een onmisbare aanvulling op de bezichtiging van de Fondation Monet. Elk jaar worden er twee wisselende tentoonstellingen gehouden, dankzij het samenwerkingsverband met het Parijse Musée d’Orsay.

 

>>>>>>>>Meer info

Fondation Claude-Monet

 

Hier wordt de bezoeker ondergedompeld in de verbeeldingswereld van Monet. Het huis en de tuin zien er nog net zo uit als vroeger en je verwacht er elk moment de grote meester te zien binnenstappen. In het huis is overal dezelfde kleurenharmonie toegepast als in de tuin. Monets privéverzameling is op zichzelf al een museum van het impressionisme, met doeken van Manet, Renoir, Degas, Pissarro, Sisley, Cézanne, Caillebotte, Signac en Berthe Morisot.

 

Hôtel Baudy

In dit hotel logeerden vroeger veel Amerikaanse schilders. In de tijd van Monet was het er altijd druk. Onder de illustere gasten bevond zich Cézanne, die er zelfs over zijn eigen atelier beschikte. Het hotel is nu gerestaureerd en de grote aflopende tuin aan de achterzijde in oude staat hersteld.

Graftombe van Monet

In het midden van de Rue Claude-Monet staat zijn tombe, een klein stukje van de gemeentelijke begraafplaats achter de kerk. Hier kan een laatste eerbetoon aan Claude Monet worden gebracht. Aan de Rue Claude-Monet en de Rue Blanche Hoschedé-Monet is een tiental galeries van impressionistische kunstenaars te vinden.

 

>>>>>>>>Meer info

Schilders uit de 19e eeuw

 

Ingeklemd tussen de steile krijtrotsen bleef de haven van Étretat tot halverwege de 19e eeuw heel moeilijk begaanbaar.

Landschapsschilders

En dat trok nu precies landschapsschilders die op zoek waren naar het echte Normandië. Isabey was de eerste die in de jaren 1820 deze pittoreske plek ontdekte.

Monet bracht de hele winter van 1868 in Étretat door. Hij schilderde er de "Poort van Aval" bij zwaar weer en een prachtig sneeuwlandschap, "De Ekster". Zijn vriend Courbet maakte ondertussen zijn beroemde serie van de Golven, die voor het eerst als zelfstandig onderwerp werden behandeld. De Maupassant, die hen aan deze doeken zag werken, verdedigde met verve "iedereen die de waarheid nastreeft die tot nu toe onopgemerkt is gebleven". In de jaren 1880 keerde Monet regelmatig terug naar Étretat. Hij logeerde dan in Hôtel Blanquet, waar hij vanuit zijn kamerraam een aantal prachtige stukken maakte. Caillebotte schilderde er "Père Magloire op de weg naar Étretat" en Boudin maakte er in zijn laatste levensjaren werken die een en al licht uitstralen.

 

>>>>>>>>Meer info

Étretat: wat is er te zien en te doen?

 

Stroomafwaarts: de Falaise d'Aval, de Porte d'Aval, de Aiguille en de Manneporte

Deze natuurlijke sculpturen zijn beroemd geworden door Monet en Courbet, die ze op hun schilderijen hebben vereeuwigd. De top van de Falaise d’Aval, die boven het strand uitsteekt, biedt een schitterend uitzicht op de Porte d’Amont, "die zijn reuzenbeen in de zee uitstrekt" (De Maupassant), en op de Aiguille, een spits toelopende krijtrots waarvan Maurice Leblanc, de schrijver van Arsène Lupin, ten onrechte dacht dat hij hol was.

 

De Falaise d’Aval

De 85 m hoge top is te bereiken via een pad en daarna een trap, links van de dijk. Om deze schitterende klif heen loopt een wandelroute, de GR21, van Le Havre naar Le Tréport. De grote ruimte eromheen wordt ingenomen door een golfbaan aan zee.

 

De Porte d’Aval

De trots van Étretat, die als een van 's werelds natuurwonderen wordt beschouwd.

De Aiguille: een 70 m hoge krijtrots die in de vorm van een obelisk is uitgesleten door de zee en de tand des tijds. De Manneporte: deze imposante boog was ook een van de favoriete onderwerpen van Claude Monet.

Stroomopwaarts: de Falaise d'Amont en de Porte d’Amont

De Falaise d’Amont: boven op deze klif prijken een kruisbeeld en een mooi kapelletje. Vanaf de rand van de krijtrots ontvouwt zich een romantisch uitzicht op het stadje, de Falaise d’Aval, de Arche (boog) en de Aiguille creuse (holle naald).

 

>>>>>>>>Meer info

Strand

 

Het strand is een bonte mix van vakantiegangers, vissers en inwoners, getuige Boudins "Vissers op het strand" en "Wasvrouwen op het strand van Étretat". Op de Perrey (boulevard in het plaatselijke dialect) zijn op grote panelen de werken te zien die Claude Monet in Étretat heeft geschilderd.

Villa's

In en rond Étretat staan talrijke villa's uit de late 19e eeuw en de belle époque. De bekendste zijn de Villa Orphée van de componist Offenbach, de Clos Arsène Lupin van Maurice Leblanc en La Guillette, die Guy de Maupassant liet bouwen in de naar hem genoemde straat.

In de omgeving van Étretat

Yport

Alfred Nunès, burgemeester van Yport van 1886 tot 1893, was een groot liefhebber van eigentijdse schilderkunst, vooral landschappen. In 1883 gaf hij Renoir opdracht om zijn zoon te portretteren, wat het prachtige doek getiteld "Jongen op het strand van Yport" opleverde. Een paar jaar later schilderde Schuffenecker, die behoorde tot de postimpressionistische avant-garde van Gauguin, Seurat en Anquetin, de "Rotsen van Yport" in een opvallend moderne stijl.

Fécamp

 

Fécamp was een van de eerste badplaatsen die in 1832 kuurbaden en een casino kreeg. 's Zomers streken er journalisten, politici, aristocraten en societyfiguren neer, maar ook vele kunstenaars, vooral schilders van zeestukken.

Palais Bénédictine

Dit voormalige paleis is behalve vanwege de bijzondere architectuur om drie redenen de moeite waard: een distilleerderij waar de beroemde benedictine wordt gestookt, een verzameling religieuze kunstvoorwerpen uit de 15e en 16e eeuw en een moderne kunstgalerie.

Haven

Julie Manet haalt herinneringen op aan het jaar dat haar vader, Eugène Manet, en haar moeder, Berthe Morisot, zij aan zij de in aanbouw zijnde boten schilderden met een impressionistische toets: "Aan het einde van de zomer waren ze verloofd", besluit ze met een kwinkslag.

Kliffen

De hele familie Manet verbleef in Fécamp, waar Degas hen opzocht en het "Portret van Eugène Manet in Fécamp" maakte, met de zee op de achtergrond. In de jaren 1880 waagde Monet zich aan het grandioze schouwspel van de krijtrotsen. Hij logeerde in een zeemansherberg in de haven, waar hij zestien doeken van de kliffen maakte, op elk uur van de dag en telkens bij ander weer, als voorproefje van zijn latere series in Giverny.

 

>>>>>>>>Meer info

De Chapelle Notre-Dame-de-Salut en het panorama vanaf de Cap Fagnet

 

Deze kapel werd in de 16e eeuw door Robert de Duivel gebouwd. De wanden zijn verfraaid met een reeks votiefschilderijen, waaronder een groot aantal van Eugène Grandin.

Musée des Terres-Neuvas et de la Pêche

Dit Museum van de Newfoundlandvaarders en de Visserij staat aan de boulevard en geeft een boeiend overzicht van de geschiedenis van Fécamp. Naast de interessante collecties die de maritieme geschiedenis van het stadje in beeld brengen, is er een panorama te bewonderen van de schilders uit de streek, onder wie Le Poittevin, Diéterle, Laurens en Prins.

In de omgeving van Fécamp

Les Petites-Dalles

Léon Monet bezat een villa in dit rustige dalletje, waar zijn jongere broer Claude vaak kwam. Deze laatste schilderde hier verscheidene zeestukken, die zo'n succes waren dat de kunsthandelaar Durand-Ruel zich contractueel verplichtte om de gehele productie af te nemen. In zes jaar tijd maakte Claude maar liefst 150 doeken van de Normandische kust!

 

>>>>>>>>Meer info

Valmont

Al vanaf zijn jeugd bracht Delacroix zijn vakanties door in het kasteel van Valmont, bij zijn neef Riesener. Delacroix maakte er talloze schetsen van de oude kerk en de Mariakapel, waarvan hij het gebrandschilderde roosvenster ontwierp.

De Abbaye de Valmont werd in 1830 overgenomen door neven van Delacroix, die er verscheidene olieverfschilderijen en aquarellen maakte.

Saint-Valery-en-Caux

In 1823 schilderde Bonington hier zijn magistrale "Boten op de zandplaat in Normandië", waarvan het licht en de verfijnde kleurstelling al veertig jaar voor dato een voorbode waren van het pre-impressionisme. Jongkind ontdekte Saint-Valery-en-Caux samen met zijn leermeester Isabey in 1845.

 

Château de Mesnil-Geoffroy

In dit 18e-eeuwse kasteel van de prins van Montmorency hebben Victor Hugo en Saint-Exupéry nog gelogeerd. Het park is een ontwerp van Colinet en de rozentuin is de grootste van Normandië in privébezit.

 

>>>>>>>>Meer info

Claude Monet schildert in zijn tuin in Giverny. Een opname uit 1915.