Lorraine Alsace

Art en France

L'Art et l'Art de vivre

Lorraine-Alsace

Bezienswaardigheden, exposities, monumenten, natuur en nog veel meer!

De schilder Jules Bastien-Lepage

 

Jules Bastien-Lepage wordt geboren op 1 november 1848 in Damvillers, een klein dorp in het noorden van de Meuse, in een eenvoudige landbouwersfamilie die al heel lang in de streek gevestigd is.

Na een opleiding in het dorp sturen zijn ouders hem naar Verdun, waar hij in 1867 de middelbare school afmaakt. Kort daarna trekt hij naar Parijs voor een bescheiden carrière aan het ministerie van Posterijen. Ondertussen volgt hij les aan de École des Beaux-Arts. In 1868 slaagt hij met glans voor het toelatingsexamen van de École des Beaux-Arts, en met de financiële steun van de Conseil Général de la Meuse kan hij een opleiding starten bij de schilder Alexandre Cabanel.

 

Ondanks een mislukte campagne voor de Prix de Rome oogst de schilder op de Salon Officiel wel succes: zijn inzending van 1874, Portret van 'Mijn grootvader', levert hem flink wat loftuitingen op en, nog belangrijker, bestellingen voor andere portretten, vooral van vertegenwoordigers van de republikeinse bourgeoisie. Vanaf 1876 werkt hij aan een groot landschapschilderij "Het Hooien" dat wordt voorgesteld op de Salon van 1878. Op hetzelfde evenement komt hij in 1879 met "Oktoberseizoen", dat de unanieme goedkeuring wegdraagt van de critici, inclusief Émile Zola. Dankzij dit doek wordt hij op 32-jarige leeftijd een van de jongste kunstenaars die is onderscheiden met het Legioen van Eer.

 

In Damvillier, de geboorteplaats van de schilder is een standbeeld opgericht dat gemaakt is door Auguste Rodin! Het Musée Jules Bastien-Lepage in Montmedy

Émile Bastien-Lepage (de broer van Jules) was een weduwnaar zonder rechtstreekse nakomelingen. In zijn testament van 25 juni 1937 duidde hij zijn volle nicht juffrouw Berthe Mailier (71954), directrice van de École Primaire Supérieure van Damvillers, aan als universele erfgename. Zij moest dus na de dood van Émile, die op 19 januari 1938 stierf in Neuilly, alle werken die hij van zijn broer had bewaard, volgens zijn wil verdelen over diverse musea in Parijs en de Lorraine. Zo ontving ook de stad Montmédy een aantal aandenkens, schilderijen en tekeningen, die de basis vormden voor de oprichting van het Musée Jules Bastien-Lepage in Montmédy. Het allereerste museum was tot 1986 ondergebracht in een van de zalen van het stadhuis van Montmédy; tegenwoordig is het gevestigd in een voormalige versterkte citadel van Vauban. De collectie werd na de oorlog vrij snel aangevuld met depots van de Franse staat en blijft zich al bijna twintig jaar verder uitbreiden dankzij aankopen van de Conseil général de la Meuse, zoals het vorig jaar verworven Pastiche van de schilder als kok.

Bron: www.meuse-ardennes.com

Centre Pompidou Metz

Een bouwkundig meesterwerk

Het spectaculaire gebouw van het ‘Centre Pompidou-Metz’ is ontworpen door Shigeru Ban (Japan) en Jean de Gastines (Frankrijk). Met een indrukwekkende dak- een houten constructie bedekt met een lichtdoorlatend membraan- combineert het gebouw esthetische elegantie met een ware technische revolutie. Met een totaal oppervlakte van 10700 m2, is er genoeg ruimte voor verschillende evenementen. Zo zijn er drie expositie galeries, en is er een groot kerkschip – de enige in Europa die geschikt zal zijn voor de grote werken. De Studio is gewijd aan het levend spektakel en het Auditorium wordt het onderkomen van conferenties en voor de vertoning van films. Een boekhandel, boetiek, een kenniscentrum, een restaurant en een staan eveneens tot de beschikking van de bezoekers.

 

Een multidisciplinair programma

Het ‘Centre Pompidou-Metz’ presenteert exposities van hedendaagse en moderne kunst. Kunst uit de collecties van het ‘Centre Pompidou’ en het ‘Musée National d’art moderne’. Het ‘Centre Pompidou’ heeft de grootste collectie moderne kunst van Europa en het ‘Musée National d’art moderne’ heeft de tweede grootste collectie ter wereld. Van beeldende kunst tot architectuur, langs ontwerpen en video, elk artistiek onderdeel is vertegenwoordigd. Hier wordt ook een zeer gevarieerd en innovatief programma aangeboden, bestaande uit dansspektakels, theater, optredens, concerten, filmvertoningen en conferenties.

 

>>>>>>>>Meer info

Het paradijs Berchigranges

 

Le Jardin de Berchigranges is een onvergetelijk mooi stukje Frankrijk voor wie van tuinen houdt, zich in Vosgès (Vogezen) bevindt en even de moeite neemt om naar Granges sur Vologne, net buiten Gérardmer te rijden. Le Jardin de Berchigranges, ooit begonnen als liefhebberij en nu uitgegroeid tot een tuin waar je ogen tekortkomt en waar ook alle andere zintuigen geprikkeld worden. Een goed verstopt klein stukje paradijs op aarde waar je uren in kunt ronddwalen en van de ene verrassing in de andere valt.

De tuin is ontstaan uit een diepe passie voor planten en bloemen en ligt op de plek van een oude mijn. In de loop der jaren is deze Hof van Eden stap voor stap uitgegroeid tot de huidige vorm en is gelukkig ook voor publiek toegankelijk. Als bezoeker wordt je verwelkomd in een oase van rust en bedwelmd door bloemengeuren. Hier wordt de stilte hoorbaar door zoemende insecten en zachtjes ruisende bladeren. In de verschillende tuinen kun je uren wandelen, genieten van een ongekende diversiteit aan planten en bloemen waarvan er vele als stek of zaad te koop zijn in het Hans-en-Grietjehuisje bij de ingang. Zodra je de ingang bent gepasseerd stap je als Alice in Wonderland een betoverde wereld binnen die je niet snel zult vergeten.

Een echte aanrader voor iedereen die houdt van een bonte en toch afgewogen mengeling van duizenden soorten gecultiveerde en wilde planten.

 

Bron: Tout de France

Knekelhuis Van Douaumont

 

Ten noordoosten van Verdun bevinden zich vele monumenten ter nagedachtenis aan de Eerste Wereldoorlog. Een van die monumenten is het Ossuaire de Douaumont, een gigangtisch knekelhuis waar naar schatting 130.000 niet geïdentificeerde soldaten hun laatste rustplaats hebben. De 46 meter hoge toren heeft de vorm van een granaat. Hierin bevindt zich een 2300 kilo wegende klok die drie keer per dag "de overwinning luidt". Vóór het ossuarium ligt het militair ereveld van Douaumont met meer dan 16.000 graven. Bij het knekelhuis en ereveld staan monumenten ter nagedachtenis aan alle Israeliers en moslims die aan Franse zijde hebben meegevochten. Verder is er een beeld van een gesneuvelde soldaat dat Andre Thorne eert; een Frans parlements lid die het leger in ging hoewel hij dat als parlementslid eigenlijk niet hoefde. Hij sneuvelde op 10 maart 1916.

 

Een paar kilometer ten noordoosten van het knekelhuis en het ereveld bevindt zich Fort de Douaumont. Het is een van de grootste forten in de omgeving van Verdun, waar vooral bij de Franse herovering heel hard voor gevochten is. Het dorpje Douaumont is tijdens de oorlog volledig verwoest; er staat een kapel ter herinnering.

Fleury is ook een dorp dat tijdens de oorlog volledig verwoest is. Ook hier staat een kapel en op de plek waar vroeger het station stond, staat nu het Mémorial-musée de la Bataille de Verdun. Tussen beide gebouwen markeren paaltjes de plekken waar voorheen gebouwen stonden; de kraters van de bombardementen zijn nog altijd zichtbaar. Even verderop, op de kruising van de D913 en de D112, geeft een beeld van een gewonde leeuw het uiterste punt aan tot waar de Duitsers wisten door te dringen. Langs de D112 richting Verdun staat het monument André Maginot, dat een gewonde Maginot afbeeldt die wordt geholpen door de soldaat Jolas. Maginot heeft na de oorlog er voor gezorgd dat er veel forten werden gebouwd.

 

Ten noorden van het knekelhuis en ereveld bevindt zich La Tranchee des Baionnettes; het zogenaamde bajonettenloopgraaf-monument ter herinnering aan de solaten die hier door vijandelijk vuur zijn gesneuveld. In 1919 ging kolonel Collet terug naar de plek waar zijn eenheid in juni 1916 had gevochten. Hij ziet daar geweerlopen, soms nog met bajonet, uit de grond steken en besluit op deze plek een gedenkmonument op te richten. De pers pikt dit verhaal op en geeft er een patriottische draai aan. Al snel wordt besloten tot de oprichting van een officieel monument. Men ging er van uit dat de soldaten rechtop in deze loopgraaf stonden te slapen met het geweer in de aanslag. Bij opgravingen bleek echter dat de lichamen zich in liggende positie bevonden. De meest waarschijnlijke verklaring hiervoor is dat de Duitsers deze plek tijdens de slag gebruikten als massagraf. Ze bedekten de doden met aarde en plaatsten, zoals gebruikelijk in deze oorlog, geweren om de graven te markeren.

 

Ongeveer 20 kilometer ten noorden van Verdun staat het Monument Colonel Driant (langs de D905 in het Bois des Caures) dat is opgericht om Driant en zijn jagersbataljons te eren. Het 56ste en 59ste jagersbataljon hadden vanaf november 1915 het moeilijk te verdedigen hazelaarsbos Bois des Caures in handen. Op 21 februari 1916 ligt het bos onder Duits artillerievuur, waarna de eerste stormaanvallen volgen. Driant en zijn mannen houden stand. Terwijl de sneeuw valt, brandt op 22 februari het geschut opnieuw los. Na dertig uur verzet worden de 2 bataljons ernstig in het nauw gedreven. Driant voelt het einde naderen en besluit zich met zijn overgebleven manschappen terug te trekken richting het dorp Beaumont; hij komt hierbij om het leven.

 

Het Deutscher Soldaten-Friedhof 1914-18 bevindt zich bij het dorpje Lissey, ongeveer 16 kilometer ten noorden het Monument Colonel Driant. Er rusten hier 822 Duitse soldaten, waarvan er 17 niet zijn geïdentificeerd. Deze begraafplaats werd in 1917 door de Duitse troepen aangelegd na het begin van de grootschalige Franse aanvallen in augustus. De graven zijn in kring- of halve kringvorm aangelegd, waarbij de verschillende legertroepen hun doden bijelkaar legden. Nadat Frankrijk en Duitsland in 1966 een verdrag over oorlogskerkhoven hadden gesloten, kon de Volksbund Deutsche Kriegsgräberfürsorge ook hier aan de slag. Er werd een muur om de begraafplaats gebouwd en een gedenksteen geplaatst. De houten kruizen werden vervangen door stenen exemplaren met daarop gegraveerd de naam, rang en de sterftedatum.

 

Bron: MiriamAd.nl

Le Centre d´Art et Culture Droiteval

 

Het Kunstcentrum, gelegen in de Franse Vogezen in het gehucht Droiteval, (gemeente CLAUDON) biedt vele mogelijkheden voor een kunstzinnig verblijf in een bij uitstek inspirerend gebied.

 

Het Centre d'Art et Culture Droiteval is ondergebracht in een oud monumentaal gebouw dat vroeger deel uitmaakte van de cistercienze Abdij van Droiteval, daterend uit de 12de eeuw en wat later veranderde in een kloostercomplex.

 

Het kunstcentrum organiseert tijdens de zomer exposities en installaties van moderne en hedendaagse kunst, in de expositiezalen, crypte en in de beeldentuin;

Cursussen: schilderen, grafiek, mozaïek, beeldhouwen, land art, etc., voor volwassenen, nationaal en internationaal, met en zonder overnachtingen in de gastenkamers ter plaatse. Over het hele jaar worden er in de crypte concerten, muziek café, open podium en kunstmarkten georganiseerd.

 

www.artculturedroiteval.com

 

Terug naar menu

 

Art-en-France © 2017 • Overname van artikelen en afbeeldingen alleen na toestemming van Art-en-France •